Lymfocyten
  1. Lymfocyten

Wat zijn lymfocyten?

Lymfocyten zijn witte bloedcellen en worden geproduceerd in ons beenmerg (net als alle andere bloedcellen). Na de rijping tot actieve lymfocyten bevinden ze zich in het bloed en het lymfestelstel. Het lymfestelsel heeft onder andere als functie om voor de afweer van het lichaam te zorgen. De lymfocyten in het lymfestelsel bieden normaal gesproken bescherming tegen virussen en bacteriën. In het lymfestelsel, en dan vooral in de lymfeklieren zijn daarom veel lymfocyten opgeslagen.

Lymfestelsel

Het lymfestelsel is een transportsysteem. In dit stelsel wordt er een kleurloze vloeistof door ons lichaam gevoerd. Deze kleurloze vloeistof heet lymfe. Lymfe ontstaat in weefsels en neem vocht en afvalstoffen uit ons lichaam op.

Het lymfestelsel bestaat uit;

  • Lymfevaten
  • Lymfeklieren
  • Lymfeklierweefsel

Lymfevaten en lymfeklieren

De lymfevaten zijn een soort kanalen van het lymfestelsel. Via deze lymfevaten wordt de lymfe uit het weefsel langs lymfeklieren gevoerd. De lymfeklieren zijn de zogenaamde zuiveringsstations van het lymfestelsel. In de lymfeklieren worden alle afvalstoffen uit de lymfe gefilterd. Daarnaast bevatten de lymfeklieren ook lymfocyten (witte bloedcellen), die de afweer tegen bacteriën en virussen regelen.

Er zijn verschillende soorten lymfocyten, zo vormen de T-lymfocyten samen met de B-lymfocyten het specifieke immuunsysteem. Dit specifieke immuunsysteem zorgt ervoor dat specifieke ziekteverwekkers worden afgeweerd. T-lymfocyten zorgen ervoor dat B-lymfocyten worden geactiveerd en ruimen de lichaamseigen cellen, geïnfecteerd door virussen, op. De B-lymfocyten maken na activering door de T-lymfocyten antistoffen aan. Deze antistoffen herkennen de vreemde ziekteverwekkers en zorgen ervoor dat de ziekteverwekkers niet verder kunnen verspreiden.

Bij CLL spelen deze B-lymfocyten een belangrijke rol. Bij CLL zijn deze B-lymfocyten afwijkend, waardoor er dus verstoorde geprogrammeerde celdood en verhoogde delingsactiviteit plaatsvindt. Dit samen heeft ophoping van B-lymfocyten tot gevolg in het bloed, lymfestelsel en in het beenmerg.