Seksualiteit en chronische ziekten Nieuwsblog
  • Auteur(s):
Nu beoordelen:

Seksualiteit en chronische ziekten

In dit interview spreken wij met Paul Rabsztyn, seksuoloog NVVS (Nederlandse Vereniging voor Seksuologie). Van origine verpleegkundige maar sinds 25 jaar werkzaam als seksuoloog NVVS. Waarbij hij zich voornamelijk bezighoudt met seksuele klachten en problemen ten gevolge van (chronische) ziektes, operatieve ingrepen, ongevallen en DSD (Differences Sexual Development) problematiek (polikliniek Geslacht & Gender).

Welke problematiek zie je op seksuologisch gebied voornamelijk bij CML en CLL-patiënten?

Het gaat bij mensen met een chronische aandoening zoals CML en CLL vooral om klachten als een slechte conditie, vermoeidheid, kortademig bijwerkingen van de medicatie of andere behandeling die het seksueel functioneren en de seksuele beleving van de patiënt negatief kunnen beïnvloeden. Dat uit zich dan vaak in seksuele klachten als: minder zin hebben in seks, erectiestoornissen, een droge vagina. Voor seks geldt eigenlijk een simpele basis regel: je moet er lichamelijk en geestelijk lekker voor in je vel zitten. Als dat niet zo is dan wordt het al stukken minder uitnodigend om seksueel actief te zijn. Veelvuldig ziekenhuisbezoek, medicijngebruik, vermoeidheid, kortademigheid en bleekheid. Dat zijn klachten die je al snel een wissel ziet trekken door het seksuele leven. Patiënten en partner geven dan aan: “Het is zo’n gedoe geworden”. Soms is het voor de partner ook minder aantrekkelijk en uitnodigend om te vrijen omdat de patiënt te moe is, de conditie mist, overmatig zweet of er een bleke gelaatskleur is met blauwe plekken. Dan wordt er minder initiatief genomen of wordt het initiatief tot seksueel contact vermeden. Een pijnlijk onderwerp dat regelmatig in de spreekkamer naar voren komt.

Er komen ook andere dingen op de voorgrond te staan zoals overleven, weer de alledaagse dingen kunnen doen, werken enz. De seks verdwijnt dan vaak naar de achtergrond.

Dus zowel het lichamelijke en geestelijke welzijn is belangrijk voor seksualiteit en intimiteit?

Zoals gezegd moet je voor intimiteit en seks lichamelijk en geestelijk lekker in je vel zitten. Bij chronische ziekte zie je dat de seks vaak minder uitnodigend wordt en patiënt en partner het lastiger vinden om nog intiem met elkaar te zijn. Zonder nu gelijk te generaliseren zie ik dat wat vaker bij de mannen. Ze geven dan aan: "Het heeft niet zoveel zin om aandacht te schenken aan de intimiteit als ik het seksueel toch niet waar kan maken”. Ze durven vaak ook niet zo goed meer, uit angst de erectie te verliezen bij het seksuele contact.

Jammer is dat dit zo weinig aandacht heeft bij de zorgprofessionals. Ze zien het vaak niet als onderdeel van kwaliteit van leven maar meer als een luxeprobleem. Er staan ook zoveel andere zorgaspecten en aandachtspunten op de voorgrond. Soms wordt er wel eens naar gevraagd en als er dan een erectiestoornis speelt dan wordt er al snel een erectiepil voorgeschreven. Maar is dat dan het ei van Columbus?? Dan zit je met zo’n pilletje thuis, maar zijn de omstandigheden verreweg van ideaal door bijv. de vermoeidheid om er ook seks mee te hebben en gebeurt er vervolgens niets mee of loopt het steeds uit op een teleurstelling. Er wordt niet genoeg naar het totale plaatje gekeken.

Het totale plaatje bekijken in plaats van een kleine oplossing voor een klein deel?

Ja daarom zeg ik ook altijd als je een seksuele klacht goed wilt analyseren, begrijpen en oplossen dan moet je dit via het bio-psychisch-sociale model doen. Biologisch omdat je wilt weten wat er lichamelijk aan de hand is, psychisch om in kaart te brengen hoe iemand hier mee om gaat en sociaal om te kijken hoe je hier mee om gaat met je partner. Op die drie aspecten moet je de schijnwerper zetten om de seksuele klacht te kunnen analyseren, begrijpen en op te lossen. De focus ligt nu te vaak op het somatische, het medische gedeelte en daar zit de oplossing meestal niet.

“Gebruik het bio-psychisch-sociale model als je het wilt begrijpen. Biologisch omdat je wilt weten wat er lichamelijk aan de hand is, psychisch om in kaart te brengen hoe iemand hier mee om gaat en sociaal om te kijken hoe je hier mee om gaat met je partner. Op die drie zaken moet je de schijnwerper zetten.”

Dus zowel medisch (met jouw behandelaar) als met je relatie het thema bespreekbaar maken?

Ja heel belangrijk! Daar begint het allemaal mee. Spreek uit waar je mee zit; zowel binnen de relatie als met je hulpverlener: de huisarts, de gespecialiseerd verpleegkundige en of behandelend specialist. In veel onderzoeken lees je ook dat patiënten de aandacht voor het onderwerp intimiteit en seksualiteit missen in de hulpverlening.

Het kan veel spanning wegnemen door het bespreekbaar te maken binnen de relatie. Maar we zijn het niet gewend om het te doen. Seks is toch meer een 'doen' dan een 'praat' activiteit en we voelen de noodzaak pas om er over te praten als dingen niet helemaal naar wens gaan. We zouden daar sowieso meer aandacht voor moeten hebben. Niet alleen rondom de seks maar juist daarbuiten als we niet seksueel actief zijn. Dat maakt het minder beladen, kwetsbaar en is ook gelijkwaardiger.

Mijn advies is: hanteer de “Nike approach” / “Just do It”!! Voor de zorgmedewerkers: De patiënt zal jullie er dankbaar voor zijn dat je het onderwerp seks op de agenda hebt gezet. Voor patiënt en partner: het zal ten goede komen aan jullie algehele, intieme & seksuele relatie!

Stel je durft het onderwerp niet bespreekbaar te maken met jouw behandelaar. Wie is dan een geschikt contactpersoon?

Dat is wel een goed punt, want je merkt vaak wel die weerstand die patiënten voelen bij hun hulpverlener. Vaak hebben ze het idee dat ze de arts daar niet mee kunnen belasten. En daar focus ik me de laatste jaren ook op, daarom zijn bijvoorbeeld de verpleegkundig specialisten eigenlijk er wat meer geschikt voor omdat die wat meer tijd voor de patiënt nemen. Die kennen vaak ook het hele verhaal van het bio-psychische sociaal functioneren van een patiënt. De start kan natuurlijk ook bij de huisarts, maar als je leest hoe weinig dit bij de huisarts aan bod komt dan is ook daar nog veel winst te behalen. 

En kunnen ze ook bijvoorbeeld jou bellen?

Contact opnemen kan natuurlijk altijd. Behandelen is wat lastiger en dat heeft te maken hoe de zorg georganiseerd is met de DBC-structuur (Diagnose Behandel Combinatie/het vergoedingssysteem) in het ziekenhuis. Het zal daarom altijd via de behandelend specialist moeten gaan. Die kan de patiënt verwijzen naar de seksuoloog in het eigen ziekenhuis.

Er zijn is ook geregistreerde seksuologen NVVS die een privépraktijk hebben. Je kunt ze vinden op www.nvvs.info bij het kadertje 'Zoek een Seksuoloog'. Daar kun je zonder verwijzing naar toe. Als je aanvullende verzekerd bent dan wordt dat vaak (gedeeltelijk) vergoed.  

Zou jij tenslotte handvatten kunnen delen met ons hoe seks en intimiteit bespreekbaar gemaakt kan worden binnen de relatie?

Ik doe dit altijd aan de hand van het boek van een van mijn collega’s prof. Dr. Jacques van Lankveld "Omgaan met een seksueel probleem". Met de volgende instructie: schaf het boek aan, lees allebei eens een hoofdstuk uit dat boek, en ga daarna met z'n tweeën aan tafel zitten en maak de vertaalslag naar jezelf van wat je gelezen hebt. Wat is herkenbaar? Wat niet? Wat is er bij jou of bij jullie anders? Wat was een eyeopener voor jou? Welke oplossing spreekt je aan? Waar heb je wat aan gehad? Zelfs wanneer je het niks vindt, bespreek dan waarom dat zo is voor jou. Het verschaft duidelijkheid in wat er speelt.

“Ik zeg ook altijd dat je ook geluk kunt vinden zonder seks, seks is niet per definitie de poort naar levensgeluk.”

Als er al over gesproken wordt dan gebeurt dit meestal in bed na het vrijen. Als het bijvoorbeeld niet helemaal ging zoals je had gehoopt en dat heftige emoties teweegbrengen. Dat is dan niet het beste moment het er even rustig over te hebben. Je bent naakt, je voelt je kwetsbaar, het voelt soms niet gelijkwaardig omdat je vindt dat je tekortschiet en het kan de ontspanning voor de nacht verstoren. De slaapkamer (daar wordt toch het vaakst gevreeën) wordt dan gekoppeld aan problemen en heftige emotionele gevoelens en daardoor steeds minder aantrekkelijk. Dus doe dit buiten het vrijen om, met de kleren aan, aan tafel en vooral niet te lang (max 30 minuten per keer). Heb je meer tijd nodig? Pak de week daarop hetzelfde hoofdstuk nog een keer.

Schaf ook een notitieblokje aan en noteer voor jezelf na het lezen van een hoofdstuk waar je het over wilt hebben en welke zaken voor jou belangrijk zijn. Het kan helpen daar na verloop van tijd nog eens een keer op terug te blikken met elkaar. Je kunt met elkaar ook de vragen inventariseren die je de gespecialiseerd verpleegkundige of behandelend specialist zou willen stellen bijv "Kan mijn erectiestoornis te maken hebben met mijn medicatie"? En kijk niet alleen naar wat er niet gaat of wat je niet wilt, maar met name naar wat er nog wel gaat en wat je wel wilt.

Instructie voor patiënt en partner:

  • Durf seks bespreekbaar te maken met elkaar
  • Niet in bed maar bv aan de keukentafel met een kop koffie of tijdens een wandeling
  • Maak er geen marathonsessie van 15 tot 30 min per week is voldoende
  • Gebruik een schriftje voor aantekeningen
  • Geef ook ruimte voor verdriet/frustratie/teleurstelling en probeer elkaar te ondersteunen
  • Vul niet voor elkaar in
  • Kijk niet alleen wat er niet gaat/ wat je niet wilt maar met name wat er nog wel gaat en wat je er graag in terug zou willen zien
  • Probeer uit/ben creatief
  • Heb aandacht voor de startprikkel
  • Laat sommige normen en waarden tav seks los
  • Als seks te gecompliceerd wordt en jullie hebben besloten afscheid te nemen van seks dan is dat prima, Seks is niet per definitie de poort naar levensgeluk. Probeer wel aandacht te blijven schenken aan de intimiteit.

Patiënten die nog opzoek zijn naar een relatie of in een startende relatie zitten zou ik nog willen zeggen: probeer in die beginfase je gezondheidssituatie bespreekbaar te maken. Kaart daar ook aan dat je kampt met problemen rondom intimiteit/seksualiteit en je wellicht jezelf minder makkelijk bloot kan geven. Dat is natuurlijk best lastig maar met zweet druppels op je voorhoofd beginnen met seksueel contact in de hoop dat het allemaal goed gaat, werkt vaak ook niet. Dat geeft prestatiedruk, faalangst en werkt seksuele stoornissen in de hand en gaat ten koste van je seksuele beleving. Patiënten geven bij mij vaak aan dat ze angst hebben dat potentiele partners daarop afhaken maar je kunt je natuurlijk afvragen als iemand je daar op afwijst of je dan zo iemand in je leven wilt toelaten.

Reacties (0)
Reactie plaatsen