Slaat de behandeling aan? Behandeling van CML
  1. Slaat de behandeling aan?

Doel van de behandeling

Het hoofddoel van de behandeling van CML is overleven. Zonder behandeling is CML namelijk een levensbedreigende ziekte. Het is dus erg belangrijk om de behandeling precies zoals voorgeschreven te volgen. Ook de controles zijn erg belangrijk, het eerste jaar iedere 3 maanden en vervolgens minimaal een keer in de 4 maanden.

Slaat de behandeling aan?

Dat wordt bepaald aan de hand van drie soorten uitkomsten. De reactie op een behandeling wordt respons genoemd.

Hematologische respons

Hierbij wordt voornamelijk gekeken naar het aantal bloedcellen in het bloed. Na diagnose moet dit bloedonderzoek iedere 15 dagen worden uitgevoerd tot het gewenste doel is bereikt. Vervolgens wordt dit onderzoek iedere 3 maanden herhaald. Of indien nodig vaker.

Doel
Complete Hematologische Respons (CHR). Het aantal bloedcellen is genormaliseerd en in het bloed komen geen onrijpe witte bloedcellen voor. De milt heeft weer een normaal formaat gekregen, als deze door de ziekte was vergroot. 

Bereikt na
Zo snel mogelijk

Cytogenetische respons

Voor dit onderzoek wordt beenmerg onderzocht op de aanwezigheid van het Philadelphia-chromosoom, de genafwijking die CML veroorzaakt. Het percentage cellen met het Philadelphia-chromosoom bepaalt de respons. Dit onderzoek wordt variërend van om de 3 maanden tot om de 2 jaar uitgevoerd.

Doel
Complete Cytogenetische Respons (CCyR). In de beenmergcellen worden geen cellen met het Philadelphia-chromosoom meer gevonden.
Bereikt na
6 maanden na de start van het eerste medicijn of na 12 maanden na de start van het tweede medicijn.

Moleculaire respons

Meestal wordt voor moleculair onderzoek bloed gebruikt en heel soms beenmerg. Er wordt gebruikt gemaakt van de meest gevoelige onderzoeksmethode, de PCR-methode, om de hoeveelheid van het BCR-ABL-gen te meten. Dit gen is onderdeel van het Philadelphia-chromosoom en zet witte bloedcellen aan tot woekering. Dit onderzoek is erg belangrijk omdat daarmee de ziekteactiviteit gevolgd wordt gedurende de behandeling. Indien nodig kan de behandeling hierop aangepast worden. Het eerste jaar wordt dit onderzoek iedere 3 maanden uitgevoerd worden. Daarna kan dit iedere 4 maanden worden.

Doel 1
Sterke Moleculaire Respons (MMR). Het BCR/ABL-gen kan nog steeds worden aangetoond, maar het aantal cellen waarin het voorkomt, is laag (bij 0,1% of minder van de cellen). Artsen beschouwen dit als een uitstekende reactie op de behandeling.
Bereikt na
12 maanden na de start van het eerste medicijn of na 15 maanden na de start van het tweede medicijn
Doel 2
Diepe moleculaire respons (MR4 of MR4.5) . Met de PCR-test kan nog steeds CML worden aangetoond maar op een niveau dat nog maar net gemeten kan worden (het aantal cellen met het BCR/ABL-gen is lager dan 0,01% voor MR4 en lager dan 0,0032% voor MR4.5). Het kan ook voorkomen dat de test geen CML meer kan waarnemen. Dat noemen we niet detectabel. Dit wil helaas niet zeggen dat de ziekte weg is.
Bereikt na
Voor een goede respons is dit doel niet noodzakelijk maar het vergroot wel de kans dat men ooit zonder medicatie kan.

Wat is mijn PCR?

Wat zeggen mijn BCR-ABL waarden?