Na chronische fase

In dit geval is CML al eerder in de chronische fase ontdekt. Er is dan ook al CML medicatie gebruikt maar deze heeft de ziekte niet kunnen controleren.

Behandeling

  • Bij voorkeur behandeling met een TKI die nog niet gebruikt is voordat progressie optrad: nilotinib, dasatinib of imatinib. Eventueel met gelijktijdige chemotherapie, gevolgd door een stamceltransplantatie bij alle patiënten die daarvoor in aanmerking komen.

  • In het geval van een onbeheersbare, resistente blastische fase wordt een allogene stamceltransplantatie niet aanbevolen. Deze patiënten komen mogelijk in aanmerking voor chemotherapie en/of palliatieve zorg 

  • Meteen een BCR-ABL mutatieanalyse gedaan. In afwachting van de resultaten wordt een volgende generatie TKI gegeven: dasatinib, bosutinib of ponatinib. Bij een hematologische respons wordt meteen een stamceltransplantatie gedaan. Indien geen richtinggevende mutatie is gevonden kan worden na al behandeld te zijn geweest met een TKI wordt over gegaan op ponatinib.